Verslag van de Ringvaart

Ringvaart: verslag van een tocht over 100 kilometer

Het moet ergens eind november 2008 geweest zijn, dat ik weer eens verveeld aan de skadibar hing. Na alle hectiek van de afroeiperiode was nu een rustigere periode aangebroken in mijn nog korte bestuursjaar. Iedereen maakte zich op voor de naderende winterstop en hele avonden werden weggepaalt, waarbij het zogenoemde palen natuurlijk slaat op het streepje achter de eigennaam, welke synchroon met het aantal geconsumeerde pils word gezet. Het was toen dat er de gedachte ontstond dat er een nieuwe uitdaging moest worden aangegaan. De ringvaart zou geroeid gaan worden. Lichtingsgenoot, vriend en tegenwoordig tevens bestuursgenoot; dhr Mattis, was bereid deze uitdaging met mij aan te gaan. De ringvaart zou niet zomaar geroeid worden, dat was voor mietjes. Een C2+ zou het worden! Naar goed voorbeeld van enkele andere dispuutsgenootjes; Padmos en den Bakker, die eenzelfde avontuur aangingen in 2001.
Nooit heb ik meer spijt gehad van mijn grote woorden als die koude, regenachtige en vooral hele vroege woensdagochtend begin mei. Vijf uur in de ochtend werk in nog snel een pastasalade naar binnen en pak mijn spullen, op naar Leidschedam. Daar aangekomen versterkt de ambiance mijn troosteloze gevoel. De aanblik van de kantine van asopos brengen weinig vreugd, en het gevoel voor een onmogelijke opdracht te staan groeit. Langzaam beginnen Mattis en ik met de voorbereidingen.

Website_Ringvaart_2

In de kleedkamer nog snel de laatste succeswensen uitgewisseld; “Het is maar een dagje roeien” en “We doen gewoon rustig aan”

De tocht zelf, achteraf, is voor het grootste deel met veel geweld uit mijn hersenen gewist. Wat achterblijft zijn flarden van een dag vol doodgaan, en weer opstaan;

 


25 km, rustpunt – ‘Het valt eigenlijk wel mee, we zijn best snel en worden nog niet veel ingehaald. Laten we hier maar nog niet stoppen’

27 km – ‘Hoe ver nog naar de volgende stop?’
30 km – ‘Wat een kutstuk, harde wind tegen en we worden aan alle kanten voorbij gevaren’
36 km, rustpunt – ‘Een vervelend stuk gehad’ De aanblik van zoveel enthousiaste dolgedraaiders die ons een hart onder de riem steken doet ons goed! We gaan weer!
40 km – ‘Ik kan niet meer, dit gaan we nooit halen….’ Om de 2 km word er even gerust. We slepen ons naar het komende rustpunt toe
52 km – Niets voor niets het ‘huilpunt’ genoemd. Hier breek je, of je nou wilt of niet. We zijn gesloopt, kunnen bijna niet meer lopen. Al een paar kilometer gaat het op karakter en op karakter zullen we door moeten. De aanblik van mijn moeder doet ook mij bijna in tranen uitbarsten. Zij, op haar beurt, vraagt zich ernstig af of het wel goed gaat met haar zoon. Geen tijd voor gedoe, we moeten door. Op naar de kaag!
72 km, rustpunt – De vooraf zo gevreesde kaag goed overleeft, veel minder ruig dan de eerste keer. Het gaat goed, we hebben net 20 km in 2 uur gedaan en we leven weer. We gaan dit makkelijk halen!
74 km – ‘Waarom loopt het nou ineens zo stroef?’…we komen bijna niet vooruit…
76 km – ‘Hoe ver nog naar de volgende stop?’
78 km – ‘Hoe ver nou nog??’
80 km – “Nog 5 kilometer”, klinkt het van de kant
82 km – ‘Nog 5 kilometer” , klinkt het van de kant. We kunnen niet meer en varen ongeveer vier kilometer per uur. Zelfs de gedachten dat we zo mogen rusten doet ons niks. Ik het ondertussen geen idee meer waar ik aan moet denken, alles doet pijn. Waarom, is de vraag die steeds meer opkomt. Waarom doe ik dit in godsnaam??
88 km, rustpunt ’t sluisje – Land! We leven nog! Al is die laatste gedachte weinig positief, want dit houd enkel in dat we nog eens 12 of meer kilometer moeten roeien.

Het laatste stuk gaat eigenlijk verrassend goed. De voorspelling van onze voorgangers dat het na leidschedam enkel nog uitroeien is, blijkt zowaar uit te komen. Website_Ringvaart_1Dit geld echter niet voor onze stuur, Sjoerd Vredebregt. Hij heeft het de hele dag al zwaar met het aanhoren van ons gezeik. Enkel achteraf besef ik wat een hel het ook moet zijn voor hem. De dank van Mattis Ooms en ondergetekende is dan ook groot, heel groot!

100 km, finish te laga – We hebben het gehaald, vraag niet hoe. Het gebrek aan training, die bierbuik en onze conditie ten spijt, we zijn er! Na 13,5 uur roeien scharen wij ons bij een illuster rijtje

 

Het antwoord op de vraag waarom ik in godsnaam de ringvaart moest roeien blijkt helaas niet bij de finish te liggen. Ik ben kapot en wil naar mijn moeder toe. Ik wil slapen en met rust gelaten worden

Deze laatste gedachte heeft nog een paar dagen door mijn hoofd gespookt. Het lichaam hersteld snel en de verworven heldendom lijkt mij goed te passen. Maar na al die tijd blijft het antwoord op de waarom-vraag nog altijd onbeantwoord

Het moet ergens deze week geweest zijn, november 2009, dat ik verveeld aan de skadi bar hing. De hecktiek van de afroeiperiode ligt achter ons en het is tijd dat er nu echt serieus gesport gaat worden…..’De marathon van Rotterdam, is dat geen idee??’

Dirk Deelen

preloaderpreloaderpreloaderpreloader